Producten en Diensten
Samenvatting
Een in- of een uitrit is een aansluiting vanuit een perceel op de openbare weg. Om een in- of uitrit aan te mogen leggen, hebt u een omgevingsvergunning nodig.
U kunt hiervoor via de website een formulier aanvragen of contact opnemen met de sector gemeentewerken
Voorwaarden
Een inrit of uitrit zijn hetzelfde. Voor het gemak gaan we uit van een uitrit. De gemeente kan een omgevingsvergunning voor het aanleggen van een uitrit weigeren in het belang van:
- de bruikbaarheid van de weg;
- het veilig en doelmatig gebruik van de weg;
- de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving;
- de bescherming van de groenvoorziening in de gemeente.
Indien u bijvoorbeeld een uitrit wilt aanleggen en aansluiten op een drukke hoofdontsluitingsweg zal de gemeente u die vergunning waarschijnlijk weigeren vanwege de verkeersveiligheid.
Privaatrechtelijke verhoudingen
Naast de publiekrechtelijke bevoegdheid die de gemeente heeft op grond van het bepaalde in de APV is de gemeente ook in particuliere zin eigenaar van de openbare weg. Vanuit dit eigendomsrecht moet de gemeente de aanleg van een uitrit toestaan. In de meeste gemeenten ligt deze toestemming besloten in de te verlenen omgevingsvergunning. Bijzonder is dat de gemeente aan de omgevingsvergunning voorschriften kan verbinden die eigenlijk geen verband houden met de omgevingsvergunning als zodanig, maar met het eigenaar zijn van de openbare weg.
Gang van zaken
Omgevingsloket online
Vanaf 1 oktober 2010 kunt u via het Omgevingsloket online:
- een vergunningcheck doen. U ziet dan of u wel of niet een omgevingsvergunning moet aanvragen of dat u een melding moet doen;
- een omgevingsvergunning aanvragen. Dit kan digitaal of op papier;
- een melding doen. Voor veel activiteiten hebt u geen omgevingsvergunning nodig, maar moet u wel een melding doen;
- de voortgang van de door u ingediende aanvraag volgen.
Neem bij vragen over de te volgen procedure altijd contact op met de gemeente.
Omgevingsvergunning aanvragen
Via Omgevingsloket online kunt u uw aanvraag voor een omgevingsvergunning indienen. Dit kunt u digitaal doen of u downloadt het formulier en print het uit op papier. Dient u het aanvraagformulier digitaal in dan hebt u een DigiD inlogcode nodig. Meer informatie over DigiD vindt u op www.digid.nl. De procedure gaat als volgt:
- U vult het aanvraagformulier volledig in;
- U stuurt het aanvraagformulier met de benodigde documenten digitaal of per post naar de gemeente;
- De gemeente stuurt u een ontvangstbevestiging;
- De gemeente beslist binnen 8 weken na ontvangst van de aanvraag of de omgevingsvergunning wordt verleend. Deze termijn kan met 6 weken worden verlengd;
- Beslist de gemeente niet binnen de termijn, dan wordt de vergunning automatisch (van rechtswege) verleend;
- Voor complexe aanvragen geldt een beslistermijn van 26 weken. Ook deze termijn kan eenmalig met 6 weken verlengd worden. Bij deze procedure kan de vergunning echter niet van rechtswege worden verleend;
- De gemeente kan aan de vergunning voorschriften of voorwaarden verbinden.
Bezwaar en beroep
Bent u het niet eens met de beslissing op uw vergunningaanvraag, dan kunt u bezwaar maken bij de gemeente. Dien uw bezwaar in binnen 6 weken na de bekendmaking van het besluit. Daarna kunt u in beroep gaan bij de bestuursrechter. In sommige gevallen kunt u rechtstreeks tegen een besluit in beroep bij de bestuursrechter. Ook belanghebbenden kunnen bezwaar maken tegen de beslissing op uw vergunningsaanvraag.
Achtergrond
Een groot aantal vergunningen, ontheffingen en meldingen op het gebied van bouwen, wonen, ruimte, monumenten, natuur en milieu is per 1 oktober 2010 samengevoegd tot één vergunning: de omgevingsvergunning. In de omgevingsvergunning zijn onder andere de volgende vergunningen opgenomen:
- Aanlegvergunning
- Bouwvergunning
- Flora- en Faunawet, ontheffing
- Gebruiksvergunning
- Inritvergunning of uitwegvergunning
- Kapvergunning
- Milieuvergunning
- Monumentenvergunning
- Natuurbeschermingswetvergunning
- Reclamevergunning
- Sloopvergunning
Zie ook
