Interviews

Van circulair ondernemen tot energiebesparing en lokale productie: duurzaamheid krijgt op veel verschillende manieren vorm. In deze interview-reeks vertellen ondernemers uit Bodegraven-Reeuwijk hoe zij daar binnen hun bedrijf invulling aan geven. Ze delen hun verhaal, hun motivatie en de keuzes die zij maken om bij te dragen aan een duurzamere toekomst.

10 jaar Hortus Populus: oogsten, ontmoeten en verbinden - Interview met Esther van den Bor

Tien jaar geleden begon Hortus Populus als een ambitieus experiment met lokaal voedsel. Inmiddels is de voedseltuin uitgegroeid tot een geliefde plek waar groenten worden geteeld, vrijwilligers samenkomen en inwoners elkaar ontmoeten. 

Aan de rand van de nieuwbouwwijk in Bodegraven-Reeuwijk werkt initiatiefnemer Esther van den Bor daar nog altijd met veel enthousiasme aan. Als een van de drijvende krachten achter diverse duurzame initiatieven in de gemeente zet zij zich al jarenlang in voor natuur, lokaal voedsel en een duurzamere samenleving. “We wilden niet alleen praten over verduurzaming, maar het ook echt doen,” vertelt ze. “En laten zien dat je hier, midden in een agrarisch gebied, groente kunt telen zonder kunstmest en bestrijdingsmiddelen.” In de beginjaren van Stichting Duurzaam Bodegraven-Reeuwijk op de Vrije Nesse werd gestart met tijdelijke moestuinbakken, samen met scholen en buurtbewoners op een stuk grond van woningcorporatie Mozaïek Wonen. “Dat werkte goed, maar het was tijdelijk. Toen dat terrein verdween, moesten we opnieuw beginnen.”

Van weiland naar voedseltuin

In 2016 verhuisde het initiatief naar de huidige locatie: een open weiland aan de rand van de gemeente. Daar startte een proefperiode van zeven jaar. “Dat vonden we eigenlijk te kort,” zegt Esther, “maar het was de enige manier om te starten.” De ambitie was om op ongeveer twee hectare zo’n 200 mensen via een groenteabonnement te voeden en tegelijk een boer een eerlijk inkomen te bieden. “We wilden laten zien dat dat kan,” zegt ze. “En daarna verder kijken naar andere plekken in de regio.” Die vervolgstap is er nog niet gekomen. De grond is tijdelijk en nieuwe locaties zijn nog altijd lastig te vinden.

Elke week oogst, elk seizoen anders

Elke week komen abonnees hun groentepakket ophalen. Daarnaast is losse verkoop mogelijk. Vrijwilligers werken mee in de tuin. Het aanbod wisselt met de seizoenen: van sla, wortelen en bieten tot kolen, paksoi en tuinbonen. Volgens Van den Bor is er daarbij altijd voldoende aanbod. “We laten mensen meebewegen met het seizoen,” legt ze uit. “Je eet wat er op dat moment groeit.” De tuin is daarmee niet alleen een plek om te oogsten, maar ook een ontmoetingsplek. Daarnaast is het een pluktuin met bloemen, waar bezoekers zelf kunnen plukken. Af en toe worden er kleine evenementen georganiseerd, zoals proeverijen met producten uit de tuin. “Het is geen anonieme keten. Mensen kennen de plek en elkaar.”

Hier bloeien mensen op

De tuin biedt ook ruimte aan mensen die via re-integratie of dagbesteding een plek zoeken. Ook statushouders werken mee in het groen. “Buiten werken met je handen in de aarde doet mensen echt goed,” zegt Esther. “Je ziet dat mensen opbloeien als ze structuur hebben, buiten zijn en onderdeel worden van iets.” Een voorbeeld is een Eritrese deelnemer die via een traject in de tuin terechtkwam. Hij heeft zelf een achtergrond in de landbouw en is inmiddels actief betrokken bij het werk. “Hij brengt veel kennis mee en voelt zich hier thuis,” vertelt Van den Bor. Daarnaast gaat een deel van de oogst naar de Voedselbank in de regio.

Romeinen tussen de kolen

Tussen de groentebedden is ook ruimte voor geschiedenis. Op het terrein staat sinds kort een klein Romeins geïnspireerd museum, dat verwijst naar de archeologische rijkdom van de regio. Regelmatig worden er re-enactments georganiseerd waarbij Romeinse scènes worden nagespeeld op het terrein. “Het brengt de geschiedenis echt tot leven,” vertelt Esther geamuseerd.

Voedsel verbindt iedereen

Terugkijkend overheerst vooral trots bij Van den Bor. “Dat we hier na tien jaar nog steeds bestaan, en dat zoveel mensen hier met plezier komen.” Tegelijkertijd blijft de toekomst onzeker door het tijdelijke karakter van de grond. “Je bouwt iets op, maar je weet niet waar je over een paar jaar zit. Dat vind ik lastig.” Toch is er in de afgelopen jaren een plek ontstaan die voor veel mensen van betekenis is. “Voedsel verbindt iedereen. En dat zie je terug in de tuin: mensen werken er samen, ontmoeten elkaar en delen wat er groeit.” Voor de toekomst hoopt ze vooral dat dit soort plekken zich verder kunnen verspreiden. “Dat er op meerdere plekken in de regio van dit soort tuinen ontstaan, waar mensen samen met voedsel bezig zijn en verbonden raken.” Dat Hortus Populus inmiddels tien jaar bestaat, voelt voor Esther vooral als een bevestiging dat die plek nodig is.

Praktische informatie

Wie zelf een kijkje wil nemen bij Hortus Populus kan van maart tot en met november terecht op dinsdag, woensdag, vrijdag en zaterdag tussen 09.00 en 12.00 uur. Meer informatie over abonnementen, activiteiten en evenementen is te vinden op: hortuspopulus.nl(externe link)

Jubileumfeest 

Hortus Populus viert het tienjarig bestaan met een feestelijke bijeenkomst op vrijdag 26 juni van 16.00 tot 18.00 uur. Inwoners van Bodegraven-Reeuwijk zijn van harte welkom. Aanmelden kan via de website.

Bezoek de tuin

De tuin van Hortus Populus is geopend van maart tot en met november.

Openingstijden

  • Dinsdag: 09.00 – 12.00 uur 
  • Woensdag: 09.00 – 12.00 uur 
  • Vrijdag: 09.00 – 12.00 uur 
  • Zaterdag: 09.00 – 12.00 uur 
Esther van den Bor
Waarom de Groene Pluim nog steeds past bij De Assembleurs - interview met eigenaar/oprichter Elbert Wildemans

Drie jaar geleden ontving De Assembleurs als eerste organisatie in Bodegraven-Reeuwijk de Groene Pluim. Die erkenning paste perfect bij de sociale onderneming, die mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt passend werk biedt in de industriële assemblage - het in elkaar zetten van producten en onderdelen. Maar wat gebeurt er na zo’n erkenning? Bij De Assembleurs verdwijnt die waardering niet in een lijstje aan de muur. Het is onderdeel geworden van de dagelijkse manier van denken en werken. “Het is moeilijk meetbaar, maar het gaat wel tussen je oren zitten,” zegt Elbert grijnzend. “Je hebt die Groene Pluim niet voor niks gekregen.” Die gedachte zorgt ervoor dat duurzaamheid en sociale impact steeds terugkomen in kleine én grote keuzes. Van afvalscheiding op de werkvloer tot bewuste keuzes bij nieuwe locaties en investeringen. “Waarom zouden we op het werk niet doen wat we thuis ook doen? Plastic scheiden, karton apart houden en bewuster omgaan met materialen hoort er gewoon bij. Maar de impact gaat verder dan duurzaamheid alleen.

Een keurmerk van vertrouwen

De Groene Pluim bracht De Assembleurs niet alleen meer bekendheid, maar gaf de organisatie ook een duidelijke positie richting klanten. “Als bedrijven alleen komen omdat het hier ‘lekker goedkoop’ zou zijn, dan passen ze niet bij ons,” zegt Elbert eerlijk. “Klanten moeten begrijpen waarom we doen wat we doen. Ze moeten dat sociale karakter hebben.” Volgens Elbert helpt de Groene Pluim om zichtbaar te maken waar De Assembleurs voor staat. Sociaal en maatschappelijk verantwoord ondernemen is volgens hem geen mooi verhaal voor de buitenkant, maar iets dat diep in de organisatie zit verankerd. Die visie zie je ook terug in zijn andere bedrijf: WaST, Was- en strijkservice in Bodegraven-Reeuwijk, waar circulariteit en kansen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt samenkomen.

Het mooiste succes? Mensen die weer perspectief krijgen

Wanneer gevraagd wordt waar De Assembleurs het meest trots op is, hoeft Elbert niet lang na te denken. “Op de mensen die hier werken. En op wat ze hier weer opbouwen.” Hij vertelt over een iemand die vorig jaar binnenkwam. Tien jaar leefde hij op straat. Geen rijbewijs, geen identiteitsbewijs, geen structuur. Maar hij besloot dat het tijd was om zijn leven opnieuw op te bouwen. Via FERM Werk kwam hij terecht bij De Assembleurs. “Inmiddels werkt hij 40 uur per week bij een klant van ons. Die klant zei: dit is een gouden vent.” Wat Elbert het meest raakt? “Hij zei tegen mij: ‘Toen ik hier over de drempel stapte, veranderde mijn leven.’ ” Dat is precies waar De Assembleurs voor wil staan: een springplank zijn voor mensen die opnieuw mee willen doen. Van Syrische statushouders tot mensen die jarenlang buiten de arbeidsmarkt stonden: bij De Assembleurs draait het niet om beperkingen, maar om kansen.

De volgende stap: circulaire groei

Ook op duurzaam gebied staat de organisatie niet stil. De komende jaren zet De Assembleurs stevig in op circulariteit. Aan de (nieuwe) locatie aan de Dammerkant wordt gewerkt aan een nieuwe ‘Circulaire/Sociale Hub’: een plek waar technische componenten worden gedemonteerd (ge-de-assembleerd), gecontroleerd, hersteld en opnieuw ingezet of op de juiste wijze aangeboden voor recycling. Denk aan noodverlichting, schakelkasten, pompen/afsluiters en technische onderdelen die nog prima bruikbaar zijn. “Componenten die anders afval zouden worden, krijgen straks een tweede leven.” Daarmee ontstaat niet alleen minder verspilling, maar ook nieuw werk voor mensen die begeleiding nodig hebben. De verwachting is dat er binnen anderhalf jaar meerdere extra werkplekken ontstaan. De droom voor de komende jaren is helder: één locatie waar de Was- en strijkservice, assemblage, de-assemblage en circulaire activiteiten samenkomen. Eén plek waar sociale impact en duurzaamheid elkaar versterken.

Meer dan een prijs

De Groene Pluim blijkt voor De Assembleurs meer dan een eenmalige erkenning. Het is een blijvende stimulans om kritisch te blijven kijken naar groei, duurzaamheid en maatschappelijke impact. Of zoals Elbert het zelf zegt: “Je krijgt er energie van. Het maakt dat je blijft nadenken: hoe kunnen we het nóg beter doen?”

Ook meedoen? 

Bent u ondernemer in de gemeente Bodegraven-Reeuwijk en bent u actief bezig met het thema duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen? Dan maakt u ook kans op de Groene Pluim! Aanmelden kan tot 15 juni 2026.  Ga naar degroenepluim.nl(externe link) voor meer informatie. 

Elbert Wildemans van De Assembleurs
Van oude schoolbalk tot nieuwe trap: Vios pioniert met circulair hout - Interview met directeur Eric Govers

Bij Vios Trappen draait duurzaamheid niet om mooie woorden, maar om doen. Dat blijkt een jaar nadat het bedrijf werd bekroond met de Groene Pluim. De erkenning gaf niet alleen waardering voor wat het bedrijf al deed, maar bracht ook nieuwe samenwerkingen in beweging. Inmiddels is directeur Eric Govers zelfs gevraagd als spreker op het OPBR Duurzaam Symposium over circulair ondernemen. “Dat is echt een direct gevolg van de Groene Pluim,” vertelt Govers trots. “We zijn daardoor nog meer onderdeel geworden van een regionaal netwerk rondom circulair bouwen en duurzaam ondernemen.”

Van FSC-hout naar circulaire trappen

Met zo’n 200 medewerkers is Vios Trappen de grootste houten trappenfabriek van Nederland. Vanuit Driebruggen levert het bedrijf trappen voor alles van regionale woningbouwprojecten tot luxe villa’s en grote landelijke bouwbedrijven. Maar achter de productiehallen schuilt ook een duidelijke duurzame ambitie. Vios werkte al jarenlang met FSC-hout – hout uit duurzaam beheerde bossen- en zette stevig in op afvalscheiding, zonnepanelen en elektrificatie van het wagenpark. Vanaf 1 januari 2027 worden alle bedrijfsauto’s volledig elektrisch. “Maar we wilden verder kijken,” zegt Govers. “Geen greenwashing, maar initiatieven die echt impact maken.” Die volgende stap werd gevonden in circulair houtgebruik. Samen met onder andere Groene Hart Circulair, de gemeente, OPBR en bouwpartner Bolton Groep werkt Vios aan de nieuwe MKB Deal Circulaire Houtketen. Tijdens het symposium vertelt hij samen met Thirza Monster van Groene Hart Circulair meer over deze deal, waarvoor €125.000 subsidie beschikbaar is. Het doel: binnen twee jaar minimaal 75 kubieke meter hout en circa 75 ton CO2 besparen.

Oude balken krijgen een nieuw leven

Het idee klinkt simpel: sloophout opnieuw gebruiken. In de praktijk blijkt dat een flinke uitdaging. “Je kunt geen trap maken van kleine stukjes afvalhout,” legt Govers uit. “Het hout moet geschikt zijn, lang genoeg zijn en volledig ontijzerd worden.” Dat proces gebeurt samen met verschillende partners. Bij sloopprojecten in de regio worden oude houten balken zorgvuldig verwijderd. Sociale werkplaats DZB Leiden zorgt ervoor dat het hout wordt schoongemaakt en ontijzerd. Daarna worden bij TNO panelen gemaakt en getest op kwaliteit en sterkte. Uiteindelijk verwerkt Vios het materiaal met computergestuurde CNC-machines tot nieuwe traptreden. In Numansdorp wordt momenteel gewerkt aan een bijzonder pilotproject van acht volledig duurzame woningen waarin deze circulaire traptreden daadwerkelijk worden toegepast. De trappen vormen onderdeel van een bredere “groene menukaart”, waarbij ook daken, kozijnen, gevels en installaties zo duurzaam mogelijk worden uitgevoerd.

“Wij zijn het eerste trappenbedrijf in Nederland dat dit op deze schaal probeert,” zegt Eric. “We doen het stap voor stap. Eerst trapgatkisten, nu treden. Als dit slaagt, hebben we iets heel moois in handen.”

Duurzaamheid gaat ook over mensen

Toch is Govers misschien nog wel trotser op iets anders: het sociale karakter van het bedrijf. Vios behaalde onlangs opnieuw het PSO-certificaat voor sociaal ondernemen en is daarmee het enige houten trappenbedrijf in Nederland met deze erkenning. “Duurzaamheid gaat niet alleen over materialen en CO2,” zegt hij. “Het gaat ook over mensen kansen geven.” Bij Vios werken medewerkers met uiteenlopende achtergronden: dove medewerkers, mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en collega’s die de Nederlandse taal nog leren. “Het is hier geen sociale werkplaats,” benadrukt Eric. “Iedereen doet volwaardig mee en draagt verantwoordelijkheid.” Die menselijke aanpak zit diep in de bedrijfscultuur. “We hebben hier één cultuur: de Vios-cultuur. Respectvol met elkaar omgaan, initiatief nemen, eigenaarschap tonen en vooral no-nonsense werken.”

Verbonden met de omgeving

Dat maatschappelijke karakter zie je ook buiten het bedrijf terug. Buurtbewoners kunnen er gratis sloophout ophalen voor hun kachel en oud-medewerkers die in de buurt wonen, helpen vrijwillig nog altijd mee met het afsluiten van het terrein. “We bestaan al meer dan 110 jaar,” vertelt Govers. “Daar mogen we best trots op zijn. We zijn echt onderdeel van deze buurtgemeenschap.”

Eric Govers Vios
Van boon tot bakkie: duurzaam ondernemen begint met kleine keuzes - interview met ondernemer Marcel Mook

Vijf jaar geleden verruilde Marcel Mook de installatiewereld voor zijn grote liefde: koffie. Inmiddels is zijn koffiebranderij uitgegroeid tot een vertrouwde plek in het centrum van Bodegraven, waar duurzaamheid, lokaal ondernemen en verbinding centraal staan. Twee jaar geleden ontving hij hiervoor de Groene Pluim, een erkenning voor duurzaam en sociaal ondernemen. Die prijs ziet hij vooral als een bevestiging van een manier van werken die voor hem vanzelfsprekend is en waar hij ook de afgelopen jaren mee is doorgegaan.

"De Groene Pluim krijgen is natuurlijk een eer," vertelt Marcel. "Maar eigenlijk zou duurzaam ondernemen niet bijzonder moeten zijn. Het zou gewoon normaal moeten zijn." Die nuchtere kijk typeert hem. De erkenning veranderde zijn aanpak niet, maar gaf wel een extra bevestiging dat kleine, bewuste keuzes ertoe doen. "Je hoeft niet meteen de wereld te veranderen. Begin gewoon bij jezelf."

Een voetbalveld minder verpakkingsafval

Vanaf de start van zijn onderneming stimuleert Marcel klanten om hun eigen verpakking mee te nemen. Wie met een eigen blik, pot of zak komt, krijgt korting. "Per jaar besparen we ongeveer een voetbalveld aan verpakkingsmateriaal. Dat vind ik een prachtig resultaat." Ook achter de schermen zoekt Marcel naar manieren om grondstoffen optimaal te benutten. Restmaterialen uit het brandproces krijgen een tweede leven, bijvoorbeeld in de pluktuin Hortus Populus. Daarnaast onderzoekt hij mogelijkheden om koffieprut te verwerken tot duurzame producten.

Van liefde voor koffie naar onderneming

Dat Marcel ooit een koffiebranderij zou beginnen, lag niet direct voor de hand. Jarenlang werkte hij in de installatiewereld, maar koffie was altijd zijn grote passie. "Waar ik ook was, ik wilde weten waar de koffie vandaan kwam." In eerste instantie onderzocht hij de mogelijkheden voor een koffierestaurant, maar de coronapandemie gooide roet in het eten. Tijdens zijn zoektocht ontdekte hij de wereld van het koffiebranden. Na een koffiebrandcursus begon hij online, experimenteerde met verschillende koffiesoorten en bouwde zijn assortiment stap voor stap uit. Toen klanten vroegen waarom hij geen fysieke winkel had, ontstond het idee voor een eigen locatie. "Als mensen kunnen zien wat je doet, ontstaat er verbinding."

Veel meer dan een winkel

De koffiebranderij is inmiddels veel meer dan een plek waar koffie wordt verkocht. De lange tafel in de winkel vormt een ontmoetingsplek waar mensen met elkaar in gesprek gaan. "Mobiele telefoons zie je hier bijna niet. Mensen praten met elkaar. Dat vind ik fantastisch! " Ook maatschappelijk ondernemen vindt Marcel belangrijk. Hij biedt werk aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. "Deze mensen willen graag werken en meedoen. Gun ze die kans."

Trots op samen ondernemen

Waar hij het meest trots op is? Niet op de Groene Pluim of de groei van zijn bedrijf, maar op de stap die hij ooit durfde te zetten. "Voor jezelf beginnen is spannend. Maar we bestaan nu vijf jaar en dat doen we samen." Met "samen" bedoelt hij niet alleen zijn gezin, maar ook zijn klanten. Daarnaast zet Marcel zich ook in voor goede doelen. Zo haalde hij onlangs samen met zijn klanten ruim duizend euro op voor het Nationaal MS Fonds. Zijn nichtje heeft MS, waardoor de actie voor hem een extra persoonlijke betekenis heeft.

Blijven groeien

Ondanks alle behaalde resultaten kijkt de koffieondernemer vooral vooruit. Recent huurde hij extra opslagruimte om de groeiende vraag aan te kunnen. Op termijn hoopt hij te investeren in een tweede gereviseerde koffiebrander, zodat hij nog meer lokale bedrijven en horecazaken kan voorzien van duurzame kwaliteitskoffie. Ook daarbij blijft zijn uitgangspunt hetzelfde: bewust omgaan met mens, materiaal en milieu. "Je hoeft niet altijd alles nieuw te kopen. Het gaat erom dat je bewust nadenkt over wat je doet." Dat is volgens Marcel de kern van duurzaamheid: kleine keuzes die iedere dag opnieuw gemaakt worden. "Begin gewoon klein. Als iedereen dat doet, maken we samen al een groot verschil."

Van Boon tot Bakkie: Marcel Mook
Arie doet zijn gasmeter de deur uit Energiecoach - Arie de Groot geeft praktische tips om je woning te verduurzamen

Voor veel mensen voelt verduurzamen als een enorme stap. Maar voor inwoner Arie de Groot uit Bodegraven begon het juist heel praktisch: met kleine keuzes en stap voor stap verbeteren. Inmiddels woont hij gasloos, is hij actief als vrijwillige energiecoach en helpt hij andere inwoners op weg. “Je kunt niet allemaal het maximale blijven willen,” vertelt hij. “Ik ben me er altijd van bewust geweest dat we op deze voet niet door konden gaan. Daarom ben ik me al vroeg gaan verdiepen in duurzaamheid.” Dat deed hij niet alleen thuis. Ook tijdens zijn jaren in de gemeenteraad zette hij zich actief in voor duurzame oplossingen. “Ik heb ooit voorgesteld om sportverenigingen zonnepanelen te geven in plaats van extra subsidie. Dan help je verenigingen structureel met lagere kosten én een lagere uitstoot.”

Beginnen bij isolatie

Toen Arie zijn woning ging verbouwen, besloot hij meteen te verduurzamen. “Dat was een logisch moment om vloerisolatie aan te brengen,” zegt hij. “Je merkt direct het verschil in comfort en energiegebruik.” Daarna volgden andere stappen: betere isolatie van muren, dubbel glas en later zelfs speciaal isolerend monumentenglas. “Veel mensen vergeten hoeveel warmte via ramen verloren gaat,” legt hij uit. “Daar valt echt winst te behalen.” Zijn belangrijkste advies? Begin bij de basis. “Een huis heeft, net als mensen, af en toe een nieuwe winterjas nodig. Eerst isoleren, daarna pas nadenken over andere systemen.”

Van zonnepanelen tot warmtepomp

Arie behoorde tot een van de eerste inwoners met zonnepanelen. Afgelopen jaar kwam daar een warmtepomp bij. Inmiddels heeft hij ook batterijen om zelf opgewekte energie op te slaan. Toch benadrukt hij dat verduurzamen geen wedstrijd hoeft te zijn. “Alles gaat nooit in één keer goed. En je moet het ook niet alleen bekijken als een rekensom.” Veel mensen focussen volgens hem vooral op de terugverdientijd. “Als je alleen denkt: ik moet het binnen zeven jaar terugverdienen, dan wordt het lastig. Het milieu, onafhankelijkheid en minder afhankelijk zijn van gas zijn óók belangrijk. Klimaatverandering gaat door.”

Kleine stappen maken verschil

Niet iedereen hoeft direct grote investeringen te doen, vindt Arie. Ook kleine veranderingen helpen. “Ik gebruik bijvoorbeeld alleen nog oplaadbare batterijen. Dat lijkt klein, maar uiteindelijk scheelt het veel afval. En ledlampen zijn natuurlijk een simpele stap waarmee je direct energie bespaart.” Daarnaast ziet hij dat mensen vaak vergeten hoe belangrijk goed glas is. “Veel woningen hebben nog oud dubbel glas. Nieuw glas maakt echt verschil.”

Energietransitie begint bij gedrag

Volgens de Groot draait verduurzamen niet alleen om techniek, maar vooral om bewustwording. “De energietransitie begint eigenlijk in ons hoofd en in ons gedrag,” zegt hij. “Pas daarna komen de technische oplossingen.” Hij merkt dat veel mensen eerst overzicht nodig hebben voordat ze stappen durven te zetten. Daarom raadt hij inwoners aan om zich goed te oriënteren op de mogelijkheden. “Neem contact op met een onafhankelijke energiecoach via de gemeente,” adviseert hij. “Daar zijn we voor. En bezoek bijvoorbeeld eens een duurzaamheidscentrum, zoals in Zoeterwoude-Rijndijk. Daar kun je werkende oplossingen en alternatieven echt zien.” Volgens Arie helpt dat om verduurzaming tastbaar en begrijpelijk te maken. “Als mensen zien hoe het werkt, wordt de stap veel kleiner en kun je veel bewuster keuzes maken.”

Onafhankelijk advies van energiecoaches

Als energiecoach helpt Arie inwoners met praktische en onafhankelijke adviezen. “Wij verdienen er niets aan en hebben geen commerciële belangen. Dat maakt het gesprek laagdrempelig.” Volgens hem hoeft verduurzamen ook niet perfect te zijn. “Kijk vooral wat bij jouw huis en situatie past. Begin klein als dat beter voelt.” Zijn tip voor inwoners die willen starten? “Ga dat gesprek met de energiecoach aan. Dan krijg je onafhankelijk advies en kun je rustig bekijken welke stappen voor jou slim zijn.” Zelf probeert de Groot ook zijn kinderen te inspireren. “Ik geef liever iets duurzaams cadeau dan vakantiegeld,” vertelt hij lachend. “Bijvoorbeeld een bijdrage aan een thuisbatterij of een energiebesparende oplossing. Het voorbeeld dat je aan je kinderen geeft, werkt uiteindelijk het beste.”

Vraag een gratis gesprek aan met een energiecoach

Bent u woningeigenaar en wilt u uw woning verduurzamen maar weet u niet waar u het beste kunt beginnen? Of wilt u advies hoe u energie kunt besparen? Vraag dan een gratis adviesgesprek aan met één van onze gemeentelijke energiecoaches.

Meld je aan via onze website.

 

Energiecoach Arie Groot
De Groene Fundatie: Samen bouwen aan een duurzamer Bodegraven-Reeuwijk - Interview met klimaatburgemeester Martha Stroo

"Er gebeurde al ontzettend veel in Bodegraven-Reeuwijk, maar vaak naast elkaar." Vanuit die observatie ontstond bij klimaatburgemeester Martha Stroo het idee voor de Groene Fundatie: een netwerk waarin maatschappelijke organisaties elkaar beter weten te vinden en samenwerken aan een duurzamer en socialer Bodegraven-Reeuwijk.

Van bijeenkomst naar netwerk

De kiem voor de Groene Fundatie werd gelegd tijdens een Fairtrade-bijeenkomst in november 2024. Daar kwamen verschillende maatschappelijke organisaties voor het eerst gezamenlijk bijeen om te praten over de Sustainable Development Goals (SDG’s), de internationale doelen voor duurzame ontwikkeling. Voor Stroo was het ook haar eerste bijeenkomst als klimaatburgemeester. "Ik zag hoeveel er al gebeurde, maar ook dat organisaties vooral vanuit hun eigen initiatief werkten. Aan het eind van die avond ontstond de vraag: waar ligt de behoefte en hoe gaan we hiermee verder?" Die vraag leidde tot een vervolgavond waarin organisaties elkaar beter leerden kennen en ideeën uitwisselden. Ook ontstond het plan door de kimaatburgemeester voor een podcastserie om initiatieven zichtbaarder te maken. Tijdens een fietstocht kreeg het geheel uiteindelijk een naam: de Groene Fundatie.

Van eilandjes naar samenwerking

De Groene Fundatie is ontstaan vanuit een duidelijke behoefte, vertelt Stroo. "Er waren veel mooie activiteiten en projecten, maar die stonden vaak los van elkaar. Door elkaar op te zoeken, ontstaat er vanzelf meer samenhang." Die samenwerking begint inmiddels concreet vorm te krijgen. Organisaties stemmen activiteiten beter op elkaar af, helpen elkaar met communicatie en vinden elkaar sneller bij gezamenlijke initiatieven. Zo werken de Vegaboerderij en Ferm samen om overtollige groenten te fermenteren in plaats van te verspillen. "Dat soort verbindingen ontstaan alleen als je elkaar kent," zegt ze. Hoewel Stroo een aanjagende rol heeft gespeeld in de opstartfase, benadrukt ze dat het netwerk vooral gedragen wordt door de deelnemers zelf. "De behoefte om samen te werken was er al. Ik heb vooral geholpen om die verbindingen zichtbaar te maken en op gang te brengen."

Samenwerking als basis voor meer impact

De Sustainable Development Goals vormen het inhoudelijke fundament van de Groene Fundatie. Ze gaan niet alleen over klimaat en natuur, maar ook over thema’s als gezondheid, armoede, onderwijs en samenwerking. Daardoor kunnen uiteenlopende organisaties zich aansluiten. De ambitie reikt inmiddels verder dan onderlinge samenwerking. De Groene Fundatie wil zich ontwikkelen tot een vaste gesprekspartner van de gemeente op het gebied van duurzaamheid. Daarbij wordt gewerkt aan de vorming van een klimaatadviesraad: een netwerk dat gevraagd en ongevraagd kan adviseren over plannen en beleid die impact hebben op de leefomgeving. "Er bestaat al een adviesraad voor het sociaal domein. Wij zien dat zo’n model ook kan werken voor klimaat en duurzaamheid. Door kennis te bundelen kun je de gemeente beter helpen bij keuzes die aansluiten op wat er in de samenleving leeft." Daarnaast ligt er de wens om ook ondernemers sterker te betrekken bij het netwerk, naast maatschappelijke organisaties en de gemeente. Om zo de waarde van het netwerk te verbreden. 

Iedereen kan meedoen

De Groene Fundatie staat open voor iedereen die wil bijdragen aan een duurzamer gemeente. Ook inwoners kunnen zich aansluiten via de groepsapp of website om op de hoogte te blijven van activiteiten en initiatieven. "Hoe meer mensen meedoen, hoe meer verbindingen er ontstaan. Uiteindelijk doe je het samen," zegt Stroo.

Creativiteit inzetten voor verandering

Haar enorme betrokkenheid bij duurzaamheid komt niet alleen voort uit haar rol als klimaatburgemeester. Stroo woont in het groen bij een molen en probeert zoveel mogelijk uit eigen tuin te eten. Na een opleiding aan de kunstacademie en tien jaar werken in de culturele sector, besloot ze haar creativiteit op een andere manier in te zetten. "Ik wilde iets doen dat niet alleen in een galerie hangt, maar echt iets bijdraagt." Die creatieve achtergrond gebruikt ze nu in haar werk als fotograaf, waarmee ze de verhalen van aangesloten organisaties zichtbaar maakt en nieuwe verbindingen stimuleert.

Nog een jaar klimaatburgemeester

Om verder te bouwen op wat er is ontstaan, heeft Stroo besloten haar termijn als klimaatburgemeester met een jaar te verlengen. Daarmee wil ze bijdragen aan het versterken en verder laten groeien van de samenwerking binnen de Groene Fundatie. Terugkijkend overheerst trots op wat er in korte tijd is bereikt. "Er gebeurt hier al zoveel moois. Door dat samen te brengen, wordt het sterker en zichtbaarder." De komende periode ligt de focus op groei van het netwerk, meer samenwerking tussen organisaties en ondernemers, en de ontwikkeling van de Groene Fundatie als gesprekspartner van de gemeente. Tegelijkertijd blijft de blik ook op de toekomst gericht: het stokje van klimaatburgemeester moet uiteindelijk door iemand anders kunnen worden overgenomen. "Voor nu is er nog genoeg te doen. Iedereen die wil bijdragen, is hartstikke welkom."